Strooiplan winterweer

Bekijk de strooiroutes

Veelgestelde vragen over het winterplan in Mol

Wat?

Bij sneeuw, ijzel of gladheid zet het gemeentebestuur alle beschikbare middelen gericht in. We werken met vaste strooiroutes en duidelijke prioriteiten. Zo houden we de belangrijkste gemeentewegen, fietspaden en druk bezochte plaatsen zo goed mogelijk bereikbaar.

Mol telt honderden kilometers wegen en fietspaden. Daarom is het onmogelijk om overal tegelijk te strooien of sneeuw te ruimen. Ook na het strooien kunnen wegen, fietspaden en voetpaden glad blijven. Pas je snelheid aan en wees extra voorzichtig.

Hoe?

We bereiden de winterdienst elk jaar voor

De winterdienst loopt van 1 november tot en met 31 maart. Al vóór de winter starten we met de voorbereiding. We controleren het materiaal, vullen de voorraad zout en pekel aan, bekijken de strooiroutes en maken afspraken met onze ploegen en aannemers.

Tijdens de winterperiode volgen we het weer actief op. Bij winterse omstandigheden krijgen de ruim- en strooiwerken voorrang op andere taken van de uitvoeringsdienst.

Hoe beslissen we wanneer we strooien?

We volgen gespecialiseerde weersvoorspellingen op. Daarbij kijken we niet alleen naar de temperatuur. Ook andere factoren spelen mee, zoals:

  • De temperatuur van het wegdek
  • De temperatuur op bruggen
  • De kans op regen, sneeuw of ijzel
  • De vochtigheid
  • De dauwpunt
  • De windrichting en windsnelheid

Op basis van die informatie beslist onze wachtmeester of de strooiploegen uitrukken. Dat blijft altijd een inschatting. Winterweer kan snel veranderen en gladheid kan plaatselijk sterk verschillen.

We werken met vaste strooiroutes

Onze chauffeurs volgen vaste routes. Ze wijken daar niet van af. Zo vermijden we tijdverlies en zorgen we dat de belangrijkste plaatsen zo snel mogelijk aan bod komen.

Individuele aanvragen om een straat te strooien nemen we niet op. Ook niet wanneer je straat dicht bij een strooiroute ligt.

De vaste routes geven voorrang aan:

  • Belangrijke gemeentewegen
  • Brugdekken en brughellingen
  • Schoolomgevingen
  • Druk gebruikte verbindingen
  • Belangrijke fietsroutes
  • Kritieke plaatsen waar veel mensen komen

Waarom strooien we niet overal?

Mol is een grote gemeente met veel wegen en fietspaden. We kunnen niet overal tegelijk strooien of sneeuw ruimen. Daarom maken we keuzes.

Kleine straten en woonstraten worden in principe niet gestrooid of geschaafd. Daar heeft strooien vaak minder effect. Zout werkt beter wanneer er voldoende verkeer over rijdt. In rustige straten mengt het zout minder goed met sneeuw of ijzel.

Bij platgereden sneeuw of ijs is schaven bovendien moeilijk of soms onmogelijk. Daarom blijft voorzichtig rijden altijd nodig.

We gebruiken natzout of pekel

Bij gladheid gebruiken we natzout en pekel. Beide helpen om sneeuw en ijs te bestrijden, maar ze zijn niet hetzelfde.

Pekel is water waarin zout vooraf is opgelost. Pekel wordt op het wegdek gesproeid.

Natzout is droog zout dat tijdens het strooien bevochtigd wordt met pekel. Dat gebeurt bij het uitstrooien met een strooier.

Natzout heeft enkele voordelen:

    • Het blijft beter op de weg liggen.
    • Het verwaait minder snel.
    • Het werkt gerichter.
    • We hebben minder zout nodig dan bij klassiek droog strooizout.

Bij extreme omstandigheden kunnen we ook puur zout gebruiken, bijvoorbeeld bij aanhoudende sneeuw of ijzel.

Fietspaden krijgen een belangrijke plaats

Fietspaden worden evenwaardig behandeld aan wegen. Dat betekent dat ze een vaste plaats krijgen in onze winterdienst, ook tijdens weekends.

Voor de fietspaden werken we met een externe aannemer. De fietspaden zijn verdeeld over 4 routes. Samen gaat het om ongeveer 106 kilometer fietspaden.

Wanneer de aannemer wordt opgeroepen, moet die binnen het uur operationeel zijn. Het doel is om het volledige traject binnen maximaal 5 uur te ruimen en te strooien.

Bij aangekondigd winterweer proberen we de fietspaden zo goed mogelijk vrij te krijgen tegen de drukke fietsuren, zoals de ochtend- en avondspits. Bij aanhoudende sneeuw of ijzel kan dit langer duren.

Voetpaden en druk bezochte plaatsen

Voetpaden strooien we niet overal. We vragen inwoners om de stoep voor hun woning of perceel zelf sneeuwvrij te maken.

Onze ploegen behandelen wel een aantal druk bezochte of kritieke plaatsen. Dat gebeurt curatief. Dat betekent: niet vooraf, maar wanneer er sneeuw ligt of wanneer het glad is.

Voorbeelden van zulke plaatsen zijn:

    • De omgeving van het ziekenhuis
    • Schoolomgevingen en kinderopvanglocaties
    • Gemeentelijke gebouwen
    • Begraafplaatsen
    • Andere druk bezochte plaatsen

De omgeving van het ziekenhuis krijgt altijd prioriteit.

Nieuwe wegen en fietspaden

Op nieuw aangelegde wegen en fietspaden strooien we tijdens het eerste winterseizoen niet. Zo beschermen we de levensduur van het nieuwe wegdek. Op die plaatsen plaatsen we extra waarschuwingsborden.

Wat kan je zelf doen?

Ook inwoners helpen mee om voetpaden veilig te houden.

  • Maak de stoep voor je woning of perceel sneeuwvrij.
  • Gooi sneeuw niet op het fietspad of de rijweg.
  • Hou goten en afvoerputjes vrij.
  • Pas je rijgedrag aan.
  • Wees extra voorzichtig op bruggen, hellingen en schaduwrijke plaatsen.

Gewestwegen in Mol

Sommige wegen in Mol zijn geen gemeentewegen, maar gewestwegen. Die worden beheerd door het Agentschap Wegen en Verkeer. Het gemeentebestuur strooit deze wegen niet zelf.l

  • N71 Zuiderring
  • N110a Borgerhoutsendijk, tussen Ginderbroek en N71
  • N110 Borgerhoutsendijk, tussen N71 en Meerhout
  • N103 Ezaart – Ginderbroek – Nieuwstraat – Markt – Voogdijstraat – Rozenberg – Ginderbuiten
  • N18 Molderdijk, gedeelte tussen N71 en Balen – Graaf de Brocquevillestraat – Laar – Statiestraat – Turnhoutsebaan – Donk
  • N136 Postelsesteenweg – De Maat – Postel
  • N712 Kiezelweg
  • N123 Kasteelstraat – Eerselseweg
  • N118 Retiebaan
  • E34 autosnelweg Antwerpen – Eindhoven

Bijlagen