Naar inhoud
Gemeente Mol

Ontstaan en naam

Mol is al duizenden jaren bewoond. Mol lag na de laatste IJstijd aan de westrand van het Kempisch Plateau. Het water werd afgevoerd via de bovenlopen van de Nete die met de Grote Nete en de Mol-Nete twee grote parallelle afvoertakken vormt.

De Mol-Nete vloeit iets ten oosten van het huidige Mol-centrum samen met de Scheppelijke Nete. In samenhang daarmee werd de alluviale vlakte van de Mol-Nete steeds breder. Zo ontstond er een groot begraasbaar gebied ten zuiden van Mol-Centrum, wat voor de bewoners - veetelers van groot belang was. De huizen van het dorp stonden op de hoger gelegen noordzijde van die alluviale vlakte. Verder naar de noordzijde van de huizenrij was er het kilometerbrede Mols Veld, de oude korenschuur van Mol. Een voorbeeld van een open field, wat duidt op een oude gemeenschappelijke bewinning.

De naam Mol werd in de Middeleeuwen als Molle, Mol-le geschreven en bestaat uit twee lettergrepen: de eerste verwijst naar de mulle grond, de tweede lettergreep, -le of –lo, en verwijst naar een beboste hoogte. Ga aan de zuidkant van het Molse kerkschip staan om de plaats min of meer weer te vinden. De lo-namen zijn bij vele oude grote dorpen uit de streek schering en inslag. Denken we maar aan Balen - vroeger Baenle -, Geel - vroeger Ghele, om over Tongerlo en Westerlo nog maar te zwijgen.

De juiste ouderdom van de naam Mol is niet te bepalen. Waarschijnlijk is de naam ontstaan toen de Tongeren onze streek bevolkten na de opstand van de Eburonen ten tijde van Caesar.

De volksverhuizingen in dit grensgebied van het Romeinse Rijk gingen gedurig door, zeker vanaf de 3de eeuw n.C. tot in de 5de eeuw n. C.

In de toponiemen uit de omgeving van Mol zijn weinig sporen te vinden van Keltische of Romeinse naamgeving. De riviernaam de Nete – de walmende, dampende, stinkende – gaat wel ver terug in het verleden.